IMG_20161015_175214

Ik ben inmiddels alweer twee maanden in Griekenland. Tegen iedereen heb ik doodleuk gezegd dat ik een half jaar weg ben, maar in werkelijkheid is dat ‘maar’ net vijf maanden. Dat betekent dat ik bijna op de helft ben van mijn uitwisseling. Au. Het was even wennen, maar ondertussen wil ik geloof ik niet meer weg. Groot understatement trouwens: het was héél erg wennen. Gelukkig kan ik ondertussen de charme inzien van de verschillen, het hoort er bij. Ik heb een lijstje opgesteld van 10 kleine en minder kleine dingen die nét een beetje anders gaan in Griekenland…

1
Wc-papier gooi je níét in de wc. Dat gooi je netjes in het mandje, want de afvoer kan dat hier niet aan. Echt waar: niet doen. Zelfs je drol is al teveel gevraagd voor de flush. Oké, too much information. Nog iets vreemds bij Griekse wc’s: de deuren hebben bijna nooit een slot. Aan het begin dacht ik telkens ‘… shit’ maar eigenlijk is er nog nooit iemand binnen gekomen. De regel is hier gewoon dat de wc vrij is als de deur open staat.

2
Als je moet pinnen, geef je je pinpas aan de man/vrouw achter de kassa. Die steekt ‘m in het apparaat, in plaats van dat jij dat zelf doet. Als je contant betaalt, mag dat ook met muntjes van 2 eurocent.

3
Van ‘milieubewust’ hebben de Grieken nog nooit gehoord. Je krijgt bijvoorbeeld overal een plastic tasje bij (daar schreef ik al eerder over), afval wordt niet of nauwelijks gesorteerd en de auto’s en bussen zijn heel oud en vervuilend. Ze zijn er totaal niet mee bezig.

4
Mensen lopen hier op straat kriskras door elkaar heen en letten totaal niet op elkaar. Als je met de auto linksaf gaat, dan kijk je even in je spiegeltje, toch? Als je loopt kijk je ook altijd even opzij of de weg vrij is. Grieken niet, die stoppen midden op de stoep, snijden je af en lopen tegen je aan. Dit is mijn #1 frustratie, denk ook niet dat ik er nog aan ga wennen.

5
In restaurants en op terrasjes kun je uren blijven zitten zonder nog iets te moeten bestellen. In Nederland word je weggekeken, maar hier vinden ze het allemaal prima. Zelfs als je het beste tafeltje van het terras bezet houdt.

6
Bij veel restaurants en bars krijg je iets extra’s. Je krijgt eigenlijk vrijwel altijd gratis water en vaak ook een bakje nootjes, chips of koekjes. ‘s Avonds krijg je ook regelmatig een ‘toetje van het huis’ na het eten.

7
Geluidsoverlast is hier geen begrip. Auto’s toeteren voor iedere scheet, alarmen van winkels/auto’s/scooters gaan bij de kleinste beweging af, terrassen blijven tot laat open en luidruchtig en iedere ochtend rijdt er (veel te vroeg) een auto met megafoon door de stad. Ik was lang in de veronderstelling dat dat dan iets van een bakker voor ontbijtjes zou zijn, maar nee, hij brengt en haalt koelkasten, magnetrons, dat soort rommel. Daarnaast staat de muziek overal beláchelijk hard, zelfs tijdens zumba draag ik het liefst oordoppen.

8
‘Op tijd zijn’ is daarentegen een heel breed begrip. Twintig minuten na het begin van de les binnen komen kakken is eigenlijk nog best wel op tijd.

9
Veel Grieken zijn gelovig, terwijl dat in Nederland minder is en minder lijkt te worden. Op zondag zijn álle winkels en supermarkten dicht en door de hele stad vind je kerkjes en kapellen. Op veel plekken kun je van die kerkelijke spulletjes kopen, kaarsjes, schilderijen etc. Ik weet even niet hoe dat heet? Ook zie ik veel mensen een kruisje slaan als ze langs een kerk lopen of rijden.

10
Griekse meisjes van mijn leeftijd kleden zich óf in legging met slonstrui óf in netkousen met een halve liter foundation op. Tijdens het uitgaan zijn de meesten helemaal sexy halfnaakt op hoge hakken. Niet bij alle clubs natuurlijk, maar over het algemeen is dat wel een beetje de norm.